23 januari 2015

Davos mijdt het echte Europa van hoge toppen en diepe dalen

Door Agnes Jongerius

Nu zondag, op hetzelfde moment dat de hoge heren en een enkele vrouw zich in Davos op het World Economic Forum opmaken voor de afsluitende CEO-skirace, gaat het door bezuinigingen afgematte Griekenland naar de stembus. Als vakbondsleider mocht ik een aantal keer deelnemen aan het jaarlijks exclusieve feestje van de wereldwijde economische elite. Niet om te skiën, maar om het andere verhaal te vertellen. Dit verhaal.

De kloof tussen de realiteit van het World Economic Forum op een bergtop in Zwitserland en de realiteit van de schoonmaaksters, die al maanden op de stoep van het Griekse parlement kamperen, is gigantisch. Filantropische miljardairs aan de ene kant en aan de andere kant vrouwen, die hun baan zijn verloren door de door Europa opgelegde bezuinigingen. Het moet Europa aan het denken zetten.

Ongelijkheid

Dat OXFAM Novib uitgerekend rond Davos met haar onderzoek naar ongelijkheid komt, is natuurlijk geen toeval.  Uit dat onderzoek blijkt dat in 2016 de rijkste 1% van de wereldbevolking meer bezit dan de andere 99%. Het elite-onderonsje in Davos is daardoor het toonbeeld van de globale bovenklasse, die steeds verder af komen te staan van de realiteit op de werkvloer. Zoals topsalarissen, die meer dan 100 keer (!) het gemiddelde salaris in een bedrijf bedragen.

Er zijn genoeg serieuze uitdagingen, waarover men in Davos het hoofd kan breken. Academische beleidsmatige discussies over wat te doen om groei in Europa aan te wakkeren en welke hervormingen daarvoor nodig zijn. Maar een visie ontwikkelen is één, de bereidheid hebben die visie op te pakken en politiek uit te dragen is een tweede.

Uiteindelijk bereik je niets, zonder dat mensen zich achter een idee en richting scharen. Van buitenaf opleggen wat er moet gebeuren, leidt alleen tot weerstand. De Griekse situatie dient als een kanarie in de koolmijn. De vlucht van de Grieken naar de links-populistisch partij Syriza, dat  een einde belooft aan star bezuinigingsbeleid, is goed te begrijpen.

Uiteraard is nieuwe economische groei niet alleen nodig in Griekenland. Heel Europa heeft de voorbije jaren slechts opéén recept geleefd: de bezuinigingen die hun uitwerkingen niet missen. Een combinatie van boekhoudkundige discipline en geloof in het neoliberale marktdenken, die samen tot meer werk en groei zouden moeten leiden. Was het maar waar, onzekerheid en knagen aan ons sociaal stelsel is wel het gevolg. Naast de financieel economische aanpak is een sociale dimensie meer dan nodig.

Deflatie

Na tijden van loonmatiging, lastenverzwaringen en bezuinigingen, moeten de lonen weer stijgen. Bedrijfskassen zitten vol en winstuitkeringen aan aandeelhouders liggen op recordniveau. Dit geld kan beter terecht komen bij de Europese bevolking, die het geld uitgeeft en daarmee de opwaartse spiraal van groei en banen op gang helpt.

Weinig lijkt erop dat dit gaat gebeuren. Het internationale bedrijfsleven richt zich op winst maken. Dat deze winst uiteindelijk aan iedereen ten goede komt is een fabel. Belasting wordt ontweken, schijnconstructies en sociale dumping drukken de loonkosten. De waarde van aandelen is belangrijker dan een fatsoenlijk loon.

Ondertussen waart het deflatiespook door Europa. December was de eerste maand sinds de invoering van de euro dat prijzen daalden. Het is een teken dat de Europese economie stagneert. Willen we een Japans scenario voorkomen, dan is actie vereist. Deflatie vergroot de ongelijkheid alleen maar. Wie veel vermogen heeft wordt rijker. Wie een hoog loon heeft, houdt aan het einde van de maand meer over.

Dat de ECB nu veel geld gaat bijdrukken, om staatsobligaties op te kopen, is niet het definitieve antwoord. Dat werkt in het voordeel van de banken, maar niet voor de mensen die nu het einde van de maand niet halen. Het geld komt namelijk niet terecht in de reële economie, waar mensen hun brood moeten verdienen.

Laat de topmannen van het World Economic Forum zondag maar proberen hun skirace te winnen. Maar dit is niet de race waar het echt om gaat. Die race gaat over een Europa, dat zich sterk maakt – na alle financiële hervormingen – voor verantwoorde sociale hervormingen. Niet blind staren op bezuinigingen en loonmatiging. Maar een race om economische groei, die banen boven winsten verkiest.