12 januari 2015

De hindernisbaan van de euro

Door Paul Tang

Opnieuw houden Griekse verkiezingen de euro in haar greep. Openlijk wordt er gespeculeerd over een ‘Grexit’, een vertrek van de Grieken uit de eurozone. Waarschijnlijk zal het niet zo ver komen, maar de discussie alleen al doet de Europese eenheidsmunt geen goed.

Maar het is niet de enige horde die de Euro de komende weken moet nemen. Woensdag doet het Europese Hof een uitspraak over het ‘whatever it takes’ beleid van Mario Draghi. De ECB-leider suste in 2012 zo de financiële markten om de toen torenhoge rente omlaag te brengen.

De belofte van Draghi hield in dat de ECB obligaties zou opkopen om met name zuidelijke eurolanden te hulp te schieten. Maar dat viel niet goed in Duitsland. Het machtige Duitse Grondwettelijke Hof in Karlruhe oordeelde dat de ECB hiermee zijn boekje te buiten ging. Het Europese Hof moet nu beslissen of de Duitse rechters gelijk hebben. Zeggen zij ja, dan is dat een tik voor de euro.

Geldkraan

Die tik zal zeker doorklinken bij de tweede horde die voor de euro de komende weken moet nemen. Op 22 januari beslist de Europese Centrale Bank of de geldkraan wordt opengezet. Het idee is om vers geld in de Europese economie te pompen om zo de investeringen aan te zwengelen en deflatie – het dalen van de prijzen – tegen te gaan. Vooral de centrale bankiers uit de Noordelijke landen twijfelen nog.

En dan zijn drie dagen later de Griekse presidentsverkiezingen. Het linkse Syriza lijkt de gedoodverfde winnaar, vooral met de belofte dat ze de door Europa opgelegde bezuinigingen zullen terugdraaien. Voorstanders van dit bezuinigingsrecept schermen met het begrotingsevenwicht dat Griekenland sinds kort kent. Maar de hoge staatsschuld en de torenhoge werkloosheid laten zien dat de focus op begrotingen eenzijdig is geweest. Zowel de eurozone als de gemiddelde Griek zijn er nog niet beter van geworden.

Investeringen

Eenzijdig is ook het steekspel dat tussen Brussel en Frankrijk plaatsvindt, de volgende horde. In maart wordt duidelijk of de Fransen zich aan de Europese begrotingsregels houden en daarmee sancties ontlopen. Terwijl de druk rond de Franse boekhouding wordt opgevoerd, blijven de echte inspanningen voor een sterkere eurozone liggen: meer hervormingen in landen die dat moeten (zoals Frankrijk), meer investeringen in landen die dat kunnen (zoals Duitsland).

De euro staat aan het eind van de race nog steeds overeind. Maar het wordt een race zonder winnaars als het bezuinigingsbeleid leidend blijft, en er voor de échte problemen geen oplossing in zicht is: het gebrek aan slimme investeringen en bovenal een onaanvaardbaar hoge (jeugd)werkloosheid. Het is hoog tijd dat de leiders eerst en vooral over hun eigen schaduw springen.