27 januari 2016

Europese begroting moet slimmer

De Europese begroting moet slimmer. Ongeveer 60 procent van al het Europese geld gaat op aan landbouw en regionale subsidies. Daarentegen gaat maar 7 procent naar innovatie, onderzoek en duurzaamheid. Terwijl dit juist de zaken zijn, die Europa klaar moeten stomen voor de toekomst.

Over die Europese begroting houdt Nederland, als voorzitter van de EU, morgen een topconferentie. Alle belangrijkste spelers zijn daarbij aanwezig: ministers, eurocommissarissen en parlementariërs. Ik ga er heen namens de PvdA-Eurodelegatie.

De bedoeling is ideeën op te doen om een eind te maken aan de nu vaak bizarre en onwerkbare manier waarop Europa zijn financiën regelt. In tegenstelling tot ons land, waar in de Miljoenennota ieder jaar de nieuwe uitgaven worden vastgelegd, maakt Europa afspraken voor zeven jaar. Die starre manier van begroten zorgt er voor dat Europa vaak niet in kan spelen op actuele crises, zoals rond de euro en nu met de vluchtelingen.

Europa is ook hopeloos verdeeld over de vraag hoeveel geld mag worden besteed. Nederland en Groot-Brittannië willen minder geld uittrekken, de zuidelijke lidstaten niet omdat zij flink verdienen aan de landbouwsubsidies. En de landen in Midden- en Oost-Europa profiteren juist weer veel van de regionale subsidies.  Het leidt altijd tot moeizame onderhandelingen, die nauwelijks tot veranderingen in de besteding van het Europese geld leiden.

Het Europees Parlement probeert daar wat aan te doen, maar vindt de EU-landen meestal op zijn weg. Pogingen om bijvoorbeeld meer geld te schuiven naar innovatie en onderzoek worden vaak door de lidstaten geblokkeerd, ook door Nederland. Uiteindelijk treffen we onszelf daarmee, omdat Nederland laatst berekende dat iedere euro die in innovatie wordt gestoken uiteindelijk dubbel wordt terugverdiend.

Kortom, de Europese begroting moet flexibeler, zodat beter kan worden ingespeeld op de actuele situatie. En het geld moet vooral gaan naar zaken die Europa vooruit helpen in de toekomst: innovatie, onderzoek en ontwikkeling, investeringen in bijvoorbeeld een betere Europese infrastructuur, (jeugd)werkloosheid.

Het Nederlands voorzitterschap ziet nu ook dat dat anders moet. Het Europees Parlement stelt dit al langer. Morgen is daarom een goed startpunt voor slimmere Europese begroting.