Klaar voor klimaat

Door Mohammed Chahim op 13 juli 2021

Morgen presenteert de Europese Commissie een enorm wetsvoorstellenpakket om de klimaatdoelen te kunnen behalen. De voorstellen dragen de naam ‘Fit for 55’, verwijzend naar de 55% minder CO2-uitstoot (t.o.v. 1990) die Europa in 2030 behaald moet hebben.

Eén ding is duidelijk, we kunnen niet op de oude voet verdergaan. We zullen moeten innoveren, reduceren en compenseren. Als sociaaldemocratische delegatie in het Europees Parlement zien we de Green Deal van onze partijgenoot Frans Timmermans als een kans en niet als een bedreiging. Een kans om de energietransitie eerlijk te laten verlopen waarbij de grootste vervuilers de grootste lasten dragen.

De kern van de ‘Fit for 55’ wetgeving vormt de herziening van het emissiehandelssysteem en aanvullend de introductie van een koolstofheffing aan de grens. Binnen het huidige systeem verdienen bedrijven veel geld aan emissierechten, de rechten om koolstofdioxide uit te mogen stoten.

Grote bedrijven krijgen van de EU gratis emissierechten, zodat ze concurrerend blijven met bedrijven buiten de Europese grenzen. Die rechten kunnen ze verkopen. Dit systeem draagt te weinig bij aan het terugdringen van de CO2-uitstoot, en zorgt er bovendien voor dat veel bedrijven – denk bijvoorbeeld aan Tata Steel in IJmuiden – op jaarbasis miljarden verdienen aan deze betwistbare handel.

In de plannen van de Europese Commissie gaat het oude emissiehandelssysteem op de schop. Bedrijven krijgen minder emissierechten en de rechten krijgen een minimumprijs waaronder ze niet verkocht kunnen worden. Via geleidelijk uitfaseren, moet het emissiehandelssysteem helemaal op de schop. In de plaats komt een Europese grensbelasting op CO2. Zo creëren we een gelijk speelveld en stimuleren we buitenlandse bedrijven om duurzamer te gaan produceren en exporteren.

Laat de energietransitie een eerlijke, en echt duurzame transitie worden. Waarbij de grootste vervuilers het meeste bijdragen en met een betaalbare prijs voor energie. Voor onszelf, de planeet en toekomstige generaties.

De wetsvoorstellen van ‘Fit for 55’ op een rij

Revision of the EU Emissions Trading System (ETS), including maritime, aviation and CORSIA as well as a proposal for ETS as own resource

Het Europese emissiehandelssysteem (EU ETS) vormt de basis van het Europees klimaatbeleid. Het zet een prijs op de CO2-uitstoot van zware industrie en dekt ongeveer 40% van de totale emissies. Het systeem begint steeds beter te werken omdat de prijs van CO2 omhoog gaat en de vrije uitstootrechten verminderen. Deze vrije rechten krijgt de industrie om te kunnen concurreren met industrieën buiten de EU.

De Europese Commissie komt nu met een herziening van dit systeem. Zo zullen de scheep- en luchtvaart worden toegevoegd, en moeten zo ook deze sectoren betalen voor hun uitstoot. Andere mogelijke veranderingen zijn een bodemprijs voor CO2, een systeem dat de Commissie zal toelaten om minder uitstootrechten op de markt te brengen. Dit creëert een lineair reductiemodel om uiteindelijk op nul emissies uit te komen, in lijn met de doelstelling voor 2050. Hiervoor moeten ook de vrije uitstootrechten worden afgebouwd, wat moeilijk ligt bij de industrie.

Naast het toevoegen van de maritieme en luchtvaartsector wil de Commissie ook een ETS opzetten voor wegvervoer en de gebouwde omgeving.

Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) and a proposal for CBAM as own resource

Met de CBAM wil de Commissie een koolstofheffing aan de grens introduceren. Buitenlandse bedrijven moeten dan betalen voor hun uitstoot als ze hun producten willen exporteren naar de Europese markt. (Net zoals de industrie in Europa dit doet onder EU ETS). Dit heeft twee positieve effecten: Het zal buitenlandse industrie aanzetten om te vergroenen, want dan hoef je niets aan de grens te betalen, èn het zorgt voor een eerlijk speelveld.

Climate Action Social Facility

Om de potentiële sociale gevolgen van de nieuwe ETS aan te pakken, zal de Europese Commissie een sociaal fonds voor klimaatactie opzetten. Volgens het uitgelekte ETS-voorstel zal ‘ten minste 50%’ van de door het ETS gegenereerde inkomsten voor het nieuwe fonds worden behouden. Lidstaten kunnen deze inkomsten gebruiken om kwetsbare burgers te compenseren voor de kosten van deze transitie.

Effort Sharing Regulation (ESR)

In deze verordening worden voor alle lidstaten bindende doelstellingen voor emissiereductie vastgelegd in percentages. Deze doelstellingen hebben betrekking op de emissies van de sectoren die niet onder de EU-ETS vallen, zoals bijvoorbeeld vervoer, gebouwen, landbouw en afval.

In de ESR worden dus nationale doelstellingen voor de lidstaten vastgelegd, die samen voldoende moeten zijn om het algemene EU-doelstellingen te halen. De doelstellingen zijn gebaseerd op de relatieve rijkdom van de lidstaten, gemeten aan de hand van het bbp per hoofd van de bevolking. Om deze doelstellingen te halen, moeten de lidstaten actie ondernemen via nationale wetten en beleidsmaatregelen, met in achtneming van de hulp van andere Europese beleidsmaatregelen. Denk daarbij aan CO2-normen voor auto’s, ecodesign voor producten, energie-efficiëntie van gebouwen, enz.

Revision of the Energy Taxation Directive (ETD)

Deze richtlijn is een essentieel onderdeel van de Europese energiewetgeving. Het stelt de randvoorwaarden en minima vast voor de belasting op elektriciteit, motorbrandstoffen, vliegtuigbrandstoffen en verwarmingsbrandstoffen. De kern van deze richtlijn is dat zij minimumbelastingtarieven vaststelt voor alle lidstaten. Deze minimumtarieven variëren naargelang de soort brandstof. Het hoofddoel van deze richtlijn is dus om te zorgen voor een eerlijke Europese energiemarkt door concurrentievervalsing te voorkomen, zoals dat bijvoorbeeld bepaalde lidstaten hun belasting op energie heel laag zetten om industrie aan te trekken. En het secundaire doel is dat het moet bijdragen aan een koolstofarme en energie-efficiënte economie.

Deze ETD laat veel vrijheid aan de lidstaten. Lidstaten geven de belastingen zelf vorm, de richtlijn eist alleen dat de indirecte belastingen de minimumbedragen bereiken zonder belasting over de toegevoegde waarde. Ook de verschillende uitzonderingsmogelijkheden (zoals bv. uitzonderingen voor energie-intensieve bedrijven) zijn niet meet conform met de nieuwe klimaatdoelen.

De laatste herziening van deze richtlijn dateert van 2003. Alle pogingen om deze te herzien zijn gefaald om dat er unanimiteit nodig is in de Raad.

Amendment to the Renewable Energy Directive to implement the ambition of the new 2030 climate target (RED)

Bij de richtlijn hernieuwbare energie wordt een algemeen beleid vastgesteld voor de productie en bevordering van hernieuwbare energie in de EU. Deze richtlijn schrijft voor dat de EU tegen 2030 ten minste 32% van haar totale energiebehoeften met hernieuwbare energie moet dekken en bouwt voort op de reeds geboekte vooruitgang.

De aankomende herziening moet ervoor zorgen dat hernieuwbare energie ten volle bijdraagt aan het bereiken van de hogere EU-klimaatambitie voor 2030. Om die doelstelling te halen zal dit percentage moeten worden opgetrokken tot ongeveer 38-40%. Ook ondersteunt deze herziening de integratie van energiesystemen (gebaseerd op hernieuwbare energie) en waterstof, zoals vorig jaar juli zijn vastgesteld.

Amendment of the Energy Efficiency Directive to implement the ambition of the new 2030 climate target (EED)

Deze richtlijn bevat een reeks bindende maatregelen die Europa moet helpen haar energie-efficiëntiestreefcijfer van 20% in 2020 te halen. Dit betekent dat het totale energieverbruik in de EU niet meer dan 1483 miljoen ton olie-equivalent (Mtoe) aan primaire energie of 1086 Mtoe aan eindenergie mag bedragen. Volgens de richtlijn moeten alle EU-landen energie-efficiënter worden in alle stadia van de energieketen, met inbegrip van energieopwekking, -transmissie, -distributie en eindverbruik.

Om het reductiedoel tegen 2030 en klimaatneutraliteit tegen 2050 te halen, zullen deze doelstellingen flink moeten worden opgeschroefd.

ReFuelEU Aviation – sustainable aviation fuels

Duurzame vliegtuigbrandstoffen (zoals geavanceerde biobrandstoffen en elektrobrandstoffen) hebben het potentieel om de emissies van vliegtuigen aanzienlijk te verminderen. Dit potentieel is echter nog grotendeels onbenut, aangezien deze brandstoffen slechts 0,05% van het totale verbruik van vliegtuigbrandstof uitmaken. Deze wetgeving heeft tot doel het aanbod van en de vraag naar duurzame vliegtuigbrandstoffen in de EU te stimuleren.

FuelEU Maritime – green European maritime

De FuelEU Maritime wetgeving heeft tot doel het gebruik van duurzame alternatieve brandstoffen (zoals waterstof of ammonia) in de Europese scheepvaart en havens te bevorderen om emissies te verminderen. Deze brandstoffen staan nog in kinderschoenen. Er zullen dus obstakels in de markt aangepakt worden, die het gebruik van deze brandstoffen in de weg staan. Het zal de reders ook zekerheid geven over welke technische opties voor hun schepen marktrijp zijn, en het zal de productie van en de vraag naar alternatieve brandstoffen op grotere schaal stimuleren.

Revision of the Regulation on the inclusion of greenhouse gas emissions and removals from land use, land use change and forestry (LULUCF)

De huidige LULUCF-verordening bevat emissies en verwijderingen door de LULUCF (land use, land change and forestry). Volgens dit kader moeten de lidstaten ervoor zorgen dat hun koolstofput (dat wil zeggen, alles wat CO2 absorbeert) niet kleiner zal zijn dan de put die zal ontstaan als de huidige beheerspraktijken worden voortgezet. Als een lidstaat deze afspraak overschrijdt, kan hij de overeenkomstige kredieten gebruiken om te voldoen aan de nationale emissiereductiedoelstellingen die zijn vastgesteld in de effort sharing regulation.

Het doel is de LULUCF-verordening te herzien en deze af te stemmen op de herziene EU-brede reductiedoelstelling voor de gehele economie. Geschat wordt dat de CO2-verwijderingen in de EU bijna zullen moeten verdubbelen ten opzichte van het huidige niveau tot 500 Mt CO2eq om in overeenstemming te zijn met de nieuwe doelstellingen.

Revision of the Directive on deployment of alternative fuels infrastructure

De richtlijn inzake infrastructuur voor alternatieve brandstoffen uit 2014 bevat een pakket maatregelen om alternatieve brandstoffen en infrastructuur in te voeren in Europa. Sinds 2014 is veel veranderd: nieuwe ontwikkelingen en brandstoffen, maar ook ambitieuze doelen in de Green Deal. Om voor meer nul-emissie op voertuigen en schepen te zorgen, is een revisie van dit gemeenschappelijk kader voor de uitrol van relevante infrastructuur in heel Europa nodig, zoals laadpalen voor auto’s of walstroom voor schepen in havens. De aanleg van dit infrastructuurnetwerk voor voertuigen en schepen is onder meer bedoeld om de olieafhankelijkheid te verminderen en de milieugevolgen van het vervoer te beperken.

Revision of the Regulation setting CO2 emission performance standards for new passenger cars and for new light commercial vehicles

Personenauto’s en bestelwagens (lichte bedrijfsvoertuigen) zijn verantwoordelijk voor respectievelijk ongeveer 12% en 2,5% van de totale EU-emissies van CO2, het belangrijkste broeikasgas. Op 1 januari 2020 is Verordening (EU) 2019/631 in werking getreden, waarbij CO2-emissienormen voor nieuwe personenauto’s en bestelwagens zijn vastgesteld. De oude verordeningen zijn door deze verordening vervangen en ingetrokken.

In de verordening worden CO2-emissiedoelstellingen voor het gehele EU-wagenpark vastgesteld, die gelden vanaf 2020, 2025 en 2030. En er is een mechanisme opgenomen om het gebruik van emissievrije voertuigen en voertuigen met lage emissies te stimuleren.

Om in 2050 klimaatneutraliteit te bereiken en de tussentijdse doelstelling van ten minste 55% vermindering van broeikasgasemissies in 2030 te halen, werkt de Commissie aan een herziening van de verordening.

In de herziening is het dus logisch dat deze emissienormen worden aangescherpt en opbouwen tot een uitfasering van ‘internal combustion engines’ (ICE).

Mohammed Chahim

Mohammed Chahim

Mohammed Chahim (Fez, 18 april 1985) is sinds 4 juli 2019 namens de PvdA lid van het Europees Parlement.  “De PvdA is voor mij de partij die staat voor gelijke kansen voor iedereen, een partij die helpt mensen te emanciperen. Als kind van migrantenouders ben ik hiervan een levend voorbeeld. Ik wil me inzetten voor een inclusieve samenleving. Helaas is

Meer over Mohammed Chahim